Workshop Sterven met de oorlog

Sterven met de oorlog

Scholing is belangrijk voor de vrijwilligers van de VPTZ, het helpt hen hun cliënten nóg beter bij te kunnen staan. Daarom biedt VPTZ afdeling West-Brabant & Tholen de workshop ‘Sterven met de oorlog’ aan. Een interessant onderwerp, wat bedoelt men daarmee?

De middag wordt verzorgd door Drs. Josée Netten, zij is verbonden aan Cogis, het kennisinstituut voor de sociale en psychische gevolgen van oorlog, vervolging en geweld. Daarnaast werkt zij voor Stichting Impact waar Cogis organisatorisch mee samengegaan is. Stichting Impact is het Landelijk kennis & adviescentrum psychosociale zorg en veiligheid bij schokkende gebeurtenissen. Het biedt advies en ondersteuning aan diverse organisaties en overheden over psychosociale zorg en veiligheid bij rampen, crisis, of andere schokkende gebeurtenissen Denk daarbij bijvoorbeeld aan de aanslag op de MH17, een tsunami of een ernstig ongeval zoals een kettingbotsing waar vele mensen het leven laten

20150624 Josee Netten

Tijdens het kennismakingsrondje stellen de vrijwilligers zich voor en vertellen of zij persoonlijk, of wellicht bij cliënten, te maken hebben gehad met oorlogstrauma’s. Josée benadrukt dat ‘wat hier vanmiddag verteld wordt, ook hier blijft’. Die informatie is privé.

Traumatische gebeurtenissen, wat doen die met een mens? “Mensen ervaren, of zijn getuige van een doodsdreigende situatie. In een direct gevolg van dit trauma kunnen zij zich machteloos voelen en het gevoel hebben de controle te verliezen. Ook in het proces van het ouder worden en sterven kan als machteloosheid en controleverlies ervaren worden. Daardoor kan een eerder, niet goed verwerkte ervaringen uit het verleden, weer naar boven komen. Het ene verlies kan het andere, een oud verlies, reactiveren. Toch, de geest van de mens is behoorlijk sterk”, zo vertelt Josée, “veel van de schokkende gebeurtenissen kunnen de mensen, al kost het tijd, pijn en moeite, met behulp van ondersteuning van familie en vrienden goed zelf verwerken. Ze hebben daar meestal geen professionele hulp of behandeling bij nodig. Ongeveer één op de vijf personen heeft daarbij wel specialistische hulp nodig”.

De druk van een oorlogstrauma kan zwaar wegen binnen een gezin. Er kan sprake zijn van een geheim, kinderen zien hoe zwaar hun ouders het hebben en nemen de rol over, kunnen geen kind zijn.

Wat te doen?

Dat is natuurlijk dé vraag van de vrijwilligers. Er is deze middag veel plaats voor interactie, ideeën worden uitgewisseld. Wat heel erg naar voren komt is de behoefte aan informatie over de cliënt. Het weten, hoe de cliënt zich voelt, wat deze heeft meegemaakt en waar de vrijwilliger op moet letten is erg belangrijk. Daarbij is het kennen en herkennen van de triggers erg van belang. Josée draagt veel ideeën aan, steeds is er interactie met de vrijwilligers: wat vinden de vrijwilligers ervan als ze agressie ervaren? Hoe gaan ze om met dementerenden, wat vinden ze vooral belangrijk om te weten over hun cliënt? Aan de hand van een tweetal casussen komen de vrijwilligers, in groepjes van vier, in gesprek. Hoe kunnen ze de cliënt het beste benaderen, waarom zo, waarom juist niet op een andere manier? En de mantelzorgers, ook die vragen aandacht. Gelukkig is de mantelzorger bij de vrijwilligers van de VPTZ enerzijds van grote waarde in het krijgen van informatie, maar ontvangen ook zij de zorg en aandacht van de vrijwilligers.

20150624 In kleine groepjes

De middag is veel te kort, er is zoveel te vertellen over dit onderwerp. Daarom heeft Josée gezorgd voor brochures waarin zij de handvatten aangeeft voor het herkennen van de triggers en hoe je daarmee om kunt gaan, ze kunt vermijden. Tevens één met helpende reacties: hoe kun je zieke en stervende mensen, bij wie een oorlogsachtergrond meespeelt, het beste helpen. Tot slot kunnen de vrijwilligers ook een afschrift van de presentatie mee naar huis nemen. Om deze nog eens na te lezen, te bewaren en wanneer nodig kunnen deze brochures de vrijwilligers helpen hun cliënt met nóg meer zorg en kennis tegemoet te treden.

20150624 SMDO Uitdelen leerstof

 

Tekst: Rianne Uijtdewillegen

 

 

 

 

 

 

 

Première Café Doodgewoon

Op 18 juni 2015 opent Ellen van der Weijde van VPTZ West-Brabant & Tholen de eerste bijeenkomst als volgt: “Vorig jaar rond deze tijd is het idee ‘geboren. Wij, het Netwerk Palliatieve Zorg en de VPTZ, hebben toen besloten een werkgroep samen te stellen om Café Doodgewoon op de rails te gaan zetten. Het doel is, op een informele manier, alle zorgverleners uit West-Brabant en Tholen met elkaar in contact te brengen, om samen ervaringen uit te wisselen en informatie te delen”.

Ja, en hier zijn wij dan met z’n allen, bij de aftrap voor het eerste Café Doodgewoon!

“Vanavond zal Nicoline van de Beek het ‘Theater van de laatste dagen’ voor ons opvoeren”.

Nicoline komt het toneel op, ze heeft een boodschappenwagentje bij zich.

“Heeft u dat nu ook? Als ze u iets vragen, dat u dan gelijk ‘ja’ zegt? Ik wel. Dus toen ze me hiervoor vroegen zei ik ook gelijk ‘ja’. Nou is dat niet erg maar later dacht ik wel: palliatieve zorg, wat is dat eigenlijk?”

Nicoline van de Beek brengt een voorstelling op de planken over werken in de palliatieve zorg. Dat doet ze vooral met een kwinkslag, humor en veel expressie. Eerst ontdoet zij zich van haar ‘polkadot jurk’, waarbij ze zich intussen nog hardop afvraagt of ze in ’s hemelsnaam maar hoopt dat ze nog daaronder iets aan heeft. Het valt mee, een groene jurk komt tevoorschijn en daaroverheen, heel slim bedacht, een schort die zij en passant over haar hoofd trekt. Wat wroeten in het wagentje levert een pruik op die de outfit compleet maakt, zij stelt zich voor als ‘Ada Vogelezang’.

Ze werkt, zo vertelt ze, in een verpleeghuis waar ze net bij een meneer vandaan komt die vroeger rector is geweest. Ze doet haar werk graag: “met me hart, ziel en Sunlightzeep”, betoogt ze met haar Amsterdamse accent. Ze vertelt dat meneer zijn kinderen niet zoveel ziet: ‘die zijn het aan het maken’, ik heb gevraagd ‘wat dan?’, maar daar kreeg ik geen antwoord op.”

Ze vertelt over de briefjes met daarop de werkzaamheden die steeds langer worden, de beschikbare tijd hiervoor korter. En dat meneer het niet zo meer naar zijn zin heeft, hij praat over de dood. Maar ja, ze moest weer weg. En nee, ze had als huishoudelijke hulp nooit geleerd hoe je daarover moet praten. Ze zat ermee, kon er niet van slapen.

20150618 CD Ada Vogelenzang

Daarop vertelt ze over de consternatie: ze is bij een mevrouw aan het werken en hoort tumult op de gang. ‘Heel professioneel’ verzint ze voor de mevrouw een smoes en gaat op onderzoek uit. En daar, via de grote glazen pui is het lichaam van meneer te zien. Ze is ontdaan. Het lichaam wordt weggehaald, een beetje sneaky, door een begrafenisondernemer. Er is geen afscheid mogelijk voor de medebewoners, een gemiste kans. “Want, als ik het had mogen regelen, dan had ík hem verzorgd, op zijn eigen kamer”. Dan volgt een bijzonder gedeelte van de uitvoering. Zij beeldt uit hoe daar een kist staat, waarin het lichaam van meneer. Ze steekt vier denkbeeldige kaarsen aan. Ze staat te kijken, intens, respectvol. Van een glimlach verandert haar gezicht in een grimas van verdriet, ze pinkt een traan weg. Ze schikt de kleding, kamt de haren, wrijft ze nog even een beetje opzij. Het ziet er zó echt uit. Er klinkt muziek en daarbij vogels, zij spreidt haar armen, beeldt een opvliegende gans uit, een afscheid, je hoort de vogels gakken op de achtergrond, ze zwaait ze uit. Het is een dieptepunt in haar werk, “het heeft iets behoeftigs”, zo vindt zij.

Dan is daar meneer van Haren – een mannenstem – die haar steun en toeverlaat wordt. Hij vertelt haar dat ze goed bezig is, maar dat het werk niet goed is voor haar. “Jij ziet het verhaal achter de mens”. Er is ander werk voor haar, thuis in het grote huis van haar hart. Zo komt het dat haar huis verandert in een hospice, ze neemt cliënten aan. Eerst één, maar steeds meer. Overal in haar huis staan bedden en zij verzorgt de mensen. Met veel gevoel en aandacht voor hen. Op een meesterlijke manier komen alle aspecten van zorg naar voren, hoe ze daarmee omgaat. Meneer van Haren is steeds op de achtergrond, zij mag zorgen voor gezelligheid: ”leun maar op mij”, zo verzekert hij haar. Als ze hem over de cliënten vertelt wijst hij haar daarop: “praat niet over de cliënten, maar mét hen”. Het zijn allemaal mensen met een geschiedenis. Sommigen zijn bang om te sterven, praten over euthanasie. Een mevrouw is bang om te stikken, de ander praat over oorlog. “Ik ben geen filosoof”, zo verontschuldigt Ada zich, “wat moet ik toch tegen ze zeggen?”

En steeds is meneer van Haren daar met wijze raad: ‘zorg dat familiekwesties achter de rug zijn’. De ganzen komen nogmaals overvliegen. Eén ervan is er voor háár, verteld Ada. Ze zwaait met haar zakdoek…

Ze laat al haar cliënten een brief schrijven, met daarin hun wensen. Die is voor hun familie. Er komt een dochter op bezoek. Als zij terugkomt van het bed van haar moeder heeft ze het moeilijk.

Als mijn moeder niet eet, dan gaat ze dood”. Ada slaat haar arm om de dochter heen. “Maar dat is wat ze zelf wil”, antwoordt zij. De dochter vertelt dat ze een gesprek heeft gehad met haar moeder. Ze heeft het er moeilijk mee dat daar andere mensen bij aanwezig waren, er was geen ruimte voor privacy. Dat wordt direct gerealiseerd.

Steeds komen er andere aspecten van de zorg naar voren zoals in het volgende fragment: Ada hoort tijdens een uitstapje iets wat zij belangrijk acht voor de cliënten. Vol enthousiasme wil ze dat gaan vertellen. Meneer van Haren houdt haar echter tegen: het ‘nieuws van buiten’ kan gigantisch hard aankomen voor de mensen binnen. Loop zachtjes, kies je kleding en schoeisel, denk na voor je parfum gebruikt. “Wees de kalme versie van jezelf Ada”. Wat je niet weet, dat kan je leren. Meneer van Haren maakt haar dit duidelijk door haar op een – denkbeeldige – ladder te laten klimmen om pruimen te plukken. Die pruimen, verschillend van rijpheid, staan voor de vele aspecten van de palliatieve zorg. De één moet nu worden geplukt, dat aspect is nu aan de orde. De andere blijven nog hangen, dat heeft nu nog geen prioriteit. Een kwestie van de binnenwereld naar buiten brengen, “je hoeft er alleen maar te zijn”. Ze sluit af met ‘het gevoel’ dat ze toch iets verkeerd doet: “Ik ben begonnen met 28 palliatieve cliënten, drie jaar geleden. Ze zijn er allemaal nog”.

20150618 CD1 6

Het is tijd voor verdieping. Nicoline stelt drie vragen en de mensen worden verzocht, in groepjes van drie, hun antwoorden met elkaar te delen. En als de bel klinkt, is de volgende aan de beurt. De aanwezigen zijn in geanimeerd gesprek. De bel klinkt voor velen veel te snel. Het zijn onderwerpen die na aan het hart liggen.

Later, in een grote kring vertelt ieder, die dat wil, – heel erg kort – , wat hij of zij zo bijzonder vond aan de voorstelling.

Een paar antwoorden: Alle competenties waren aanwezig, toch had Ada nog veel te leren/ beeldend/ rust, liefde en eerbied/zorgen vanuit het hart/de gesprekken/leren waarnemen wat er is, niet je eigen ego/iets moois mee gekregen om aan terug te denken/de ganzen en de pruimenboom…

Een stuk met een lach en een traan. Voor niemand zal een vlucht ganzen of een pruimenboom ooit nog hetzelfde zijn.

20150618 CD1 7

Tekst: Rianne Uijtdewillegen

 

Gedichterbij

De Stichting Roparun Bergen op Zoom heeft een GEDICHTERBIJ bundel uitgegeven t.b.v. de Roparun. Op 7 mei is hieraan aandacht besteedt door TV ZuidWest in het programma M2. Eén van de gedichten is geschreven door een vrijwilliger van VPTZ West-Brabant & Tholen. Rianne Uijtdewillegen heeft in dit programma haar gedicht voorgelezen. (http://www.zuidwesttv.nl/tv/m2 )

De GEDICHTERBIJ bundel  werd op zondagmiddag 24 mei gepresenteerd tegenover ’t Rijks, Burg. Stulemeijerlaan, Bergen op Zoom. De bundel is te koop voor € 5,- (meer mág ook), de opbrengst gaat naar de St. Roparun en gerelateerde Roparun doelen in de regio.

Belevingsmonument Roparun

Vrijwilligers hebben op 24 en 25 mei bij de doorkomst van de Roparun teams het belevingsmonument  in de Burgemeester Stulemeyerlaan in Bergen op Zoom bemand.

Men kan daar foto’s en kaartjes kan ophangen, wensen uitdragen, lichtjes ontsteken en bloemen wegleggen.

Er is ook een namenwand ter herdenking. Medewerkers van de Vrijwilligers Palliatieve Terminale Zorg West-Brabant & Tholen (VPTZ) waren aanwezig ter ondersteuning.

Er werd veel gebruik gemaakt van deze mogelijkheid om stil te staan bij diegenen die de strijd tegen kanker hebben moeten opgeven en voor hen die daar om verlegen waren was er tijd voor een praatje en een arm op de schouders.

Deze herdenkingsplek is een warme plek voor velen!

Bloemen           Druk

 

 

Tekst en foto’s: Louise Smit

Het laatste woord

Door Gijsbert van ES

Boekbespreking door Annemarie van der Kraats

In het NRC Handelsblad is van maart 2011 tot maart 2013 wekelijks de rubriek
HET LAATSTE WOORD te lezen geweest. Dit boek is een bundeling van een aantal afleveringen uit deze rubriek. Mensen die aan het einde van hun leven zijn gekomen, vertellen hierin hoe zij dit beleven en terug kijken op hun leven.

Het mooie van dit boek is, naar mijn mening, dat het heel verschillende mensen aan het woord laat. Mensen van verschillend leeftijden en geloofsovertuigingen en levensvisies komen aan bod. Ik vind het heel mooi om te lezen hoe de mensen hun gedachten over leven en sterven onder woorden brengen. Het mooie van dit boek is ook dat dit zonder oordeel van de schrijver opgetekend is.

Het is een boek, dat met respect vertelt wat mensen in hun laatste levensfase bezig houdt. Zoals op de kaft staat: “Het gaat helemaal niet over de dood, het is een ode aan het leven.”

Eigenlijk wil ik het boek niet meer inleveren. Het is een boek ‘om te hebben’, om er af en toe nog eens in te kijken, een verhaal terug te lezen en te leren van de wijsheid van mensen in hun laatste levensfase.

Grote vergadering mei VPTZ West-Brabant & Tholen

Op 12 mei j.l. is in de prachtige locatie van TWB (Thuiszorg West-Brabant) de grote vergadering gehouden.

Op deze avond zijn twee workshops geleid door mensen van stichting SDW over terminale zorg voor mensen met een beperking en René Coppieters van GGZ WNB, deze heeft vooral verteld over palliatieve zorg in een psychiatrische instelling. De avond was een groot succes en de vrijwilligers gaan met vernieuwde kennis huiswaarts.

Première Café Doodgewoon West-Brabant

Op donderdag 18 juni is het zover. De première van Café Doodgewoon in West-Brabant. VPTZ West-Brabant & Tholen en het Netwerk Palliatieve Zorg organiseren 5 maal per jaar thema-avonden, waarbij op een informele manier professionele zorgverleners en vrijwilligers met elkaar in contact kunnen komen en ervaringen rondom palliatieve zorg uitwisselen. Dit gebeurt de ene keer aan de hand van een ervaringsdeskundige, de andere keer door middel van bijvoorbeeld een film of toneelstuk. De thema’s zijn wisselend, maar de palliatieve cliënt staat altijd centraal. Hulpverleners, mantelzorgers, vrijwilligers, cliënten en belangstellenden zijn welkom.

Op 18 juni houdt theatermaakster Nicoline van de Beek een pleidooi voor integere aandacht. Zij doet dit met een toneelvoorstelling over werken in de palliatieve zorg. Daarna is er ruimte en tijd voor interactie en gesprek. De avond wordt afgesloten met een hapje en een drankje.

In 2015 vindt ook op 17 september en 19 november, de derde donderdag van de maand, een Café Doodgewoon plaats. In 2016 staan de data 18 februari en 21 april genoteerd.

Aanmelden hoeft niet, maar mág wel, via info@vptz-westbrabanttholen.nl

Er zijn geen kosten aan verbonden

Locatie: de Binnentuin van Thuiszorg West-Brabant, Thuiszorg met aandacht, Belder 2-4, 4704 RK in Roosendaal

Tijd: van 19.00 tot 21.30 uur

 

Tekst: Louise Smit

VPTZ West-Brabant &Tholen heeft drie nieuwe vrijwilligers

VPTZ-vrijwilligers zijn er om mensen in hun laatste levensfase en hun naasten te ondersteunen. Het verzorgen van een geliefde in die periode is zwaar, ook al is er hulp van de huisarts en thuiszorg. Als het levenseinde nadert, wordt de zorg over het algemeen intenser en intensiever.

De VPTZ-vrijwilligers kunnen snel inspelen op hulpvragen. Zij bieden hulp bij mensen thuis, maar ook in diverse woonzorgcentra. Alle vrijwilligers hebben een Introductiecursus gevolgd en worden voortdurend bijgeschoold. De meeste vrijwilligers hebben een zorgachtergrond of zijn ervaringsdeskundigen. Ze hebben zelf een dierbare verloren en weten daardoor hoe dat voelt, maar hebben ook geleerd om dat eigen verlies in een context te plaatsen. 

Bij VPTZ West-Brabant & Tholen zijn we zeer blij Marloes, Maria en Bernadette te mogen verwelkomen. Zij hebben op 15 april 2015 de introductietraining met succes afgerond. Met deze training word je als vrijwilliger goed voorbereid op het werk dat je gaat doen voor VPTZ. Je ontdekt wat het werk inhoudt, wat je zoal tegen kunt komen en wat er van jou wordt verwacht. Je wordt nog meer gemotiveerd om je voor dit prachtige werk in te zetten.

Roparun Bergen op Zoom en de Gemeente sponsoren VPTZ

De Gemeente Bergen op Zoom en Stichting Roparun Bergen op Zoom hebben een deel van de geldprijs behorende bij de 3e Roparunstad 2014 beschikbaar gesteld aan de stichting Vrijwilligers Palliatieve Terminale Zorg West-Brabant & Tholen. Met dit geld worden diverse opleidingen gefinancierd ten behoeve van vrijwilligers, zodat zij in staat zijn zo optimaal mogelijk cliënten en hun naasten te ondersteunen en iets extra’s te bieden. Op donderdag 16 april 2015 werd in Hotel Grand Café Hotel De Bourgondiër de officiële uitreiking verzorgd. Voorzitter Bram Klijnsma van het bestuur van VPTZ West-Brabant & Tholen bedankt de gemeente en Stichting Roparun Bergen op Zoom van harte.

 

Een nieuwe folderreeks

VPTZ West-Brabant & Tholen heeft een nieuwe folderreeks.

Een folder is gericht op cliënten en hun mantelzorgers, een andere voor mensen die geïnteresseerd zijn in het vrijwilligerswerk en een derde voor particulieren, serviceclubs, charitas instellingen of bedrijven die het VPTZ werk graag willen sponsoren.

Een folder voor cliënten en mantelzorgers.

Een folder voor vrijwilligers

En een folder voor sponsors.

Wilt u graag een of meerdere folders ontvangen? Laat het ons weten!

Stuur een mailtje naar info@vptz-westbrabanttholen.nl of bel met 06 514 980 69; de folders worden zo gauw mogelijk naar u opgestuurd.