Jolanda Langen

Hallo allemaal,

Nu is mij gevraagd of ik de pen wil overnemen. Ik ben niet zo van het schrijven, maar vind het wel een mooi initiatief om toch nog wat in contact te blijven met elkaar. Ook leuk om te lezen hoe we de tijd nu doorkomen ondanks de corona.

Mijn naam is Jolanda Langen, 52 jaar. Geboren in Etten-Leur en daar met veel plezier 50 jaar gewoond. Woon nu sinds 2 jaar in Bosschenhoofd, waar ik heerlijk mijn eigen plekje heb.

Ik ben sinds 2005 bij de VPTZ. Daarvoor heb ik in de zorg gewerkt, dat ik met veel liefde heb gedaan. Door omstandigheden kon ik dit werk niet meer doen. Ik was nog te jong om thuis te zitten, toen zag ik een advertentie in de Etten-Leurse bode staan van VPTZ. Ze zochten vrijwilligers, het sprak mij gelijk aan, zodoende heb ik daarop gereageerd.

Het is een rijkdom om dit vrijwilligerswerk te mogen en kunnen doen en opnieuw in de zorg te stappen. Zo fijn om er voor de mensen in hun laatste fase nog te kunnen zijn, persoonlijk aandacht te geven. Zo bijzonder om een stukje te mogen meereizen, zodat hun naaste dierbaren even tijd hebben voor zichzelf, hen even te ontlasten van hun zorgtaak en hun verhaal met ons te kunnen delen als ze willen.

Zelf krijg je er ook veel voor terug…. Het is zo fijn om er gewoon te zijn. Zorgen voor wat afleiding, een luisterend oor hebben, troosten, of alleen een hand vasthouden. Ik heb al heel veel mooie inzetten gehad, waar ik met veel warmte aan terug denk.

VPTZ is zo`n mooie organisatie, met saamhorigheid tussen de collega vrijwilligers. Ook bieden ze interessante cursussen, waar we veel van leren. Het contact met de coördinatoren is heel fijn, er is een goede samenwerking, en je kan altijd je verhaal kwijt.

Het is te hopen dat we elkaar weer snel kunnen en mogen ontmoeten, want wat is het een gemis. En dat we ook weer meer mensen kunnen bijstaan die het zo nodig hebben.

Wat heeft corona mij gebracht?

Van kleine dingen genieten, zo ook te zien wat een rijkdom het is om zoveel dierbare familie en vrienden te hebben. Ik heb mijzelf beter leren kennen, want ik ben net voor de coronatijd gescheiden. Dus nu moest ik het alleen doen en ik vond het heel moeilijk om alleen te zijn. Twijfelde of ik het allemaal wel kon. Maar het gaat steeds beter en dan merk je pas wat je allemaal zelf kan, dat je ook meer kan dan je zelf weet. Dat geeft ook weer veel positieve energie.

Heb ook veel lieve vriendinnen, dus veel bellen en appen. En 1op1 een bakje koffie, en ook tijd voor elkaar, wat ook heel kostbaar is. Heb veel opgepast bij mijn neefjes, dat geeft zeer veel voldoening,  want ook dat is “er zijn”. En veel quality time met mijn moeder, daarom heb ik wat minder inzetten gedaan, zodat ze gewoon naar mij toe kon komen of ik naar haar.

Nu komt gelukkig weer de lente in zicht, dus heerlijk genieten van de mooie natuur.

Als afsluiting nog een mooi voorbeeld van ‘’er zijn’’. Ik ben 2 jaar bij een mevrouw geweest. Mevrouw lag al 8 jaar op bed en kon niet praten, maar wel horen. Contact had je door middel van aankijken, en zeggen wat je ging doen, of vragen of ze wat wilde drinken, dan lachte mevrouw of knikte. Haar vriendin/mantelzorger zei ook wat ze graag wilde eten of drinken, zo kreeg mevrouw toch wat ze wilde.

Ik ging 1 keer per week, en zodra je binnenkwam begon mevrouw te lachen, zo merkte je dat er herkenning was. Dit was een heel bijzondere situatie, zeker omdat mevrouw ook dementie had. De band tussen haar en haar vriendin was heel warm, zo mooi om mee te mogen maken. Het was voor haar fijn dat wij kwamen want ze zorgde al heel veel jaren, 24 uur per dag, 7 dagen in de week voor haar vriendin. Nu kon ze ook even aan zichzelf denken en haar verhaal delen, een luisterend oor was daar heel belangrijk en hard nodig. Het was erg nodig om er ‘’te zijn’’, heel bijzonder.

Ik zat er echt ook op mijn plek, en kijk er met vele mooie herinneringen aan terug. Dat je met weinig woorden toch nog een goede communicatie kan hebben. Het is zo prachtig dat je iets kan betekenen voor de medemens.

Blijf allemaal gezond.

Graag geef ik de pen door aan Carin Bolders.

Lieve groet,

Jolanda Langen

Jaarverslag 2020

Wat was 2020 een onwerkelijk jaar, voor VPTZ West-Brabant & Tholen en voor iedereen.

Corona en de RIVM-maatregelen houden ons nog steeds bezig, met als gevolg dat er fysiek niet zoveel gebeurt.
Café Doodgewoon West-Brabant en de vrijwilligersbijeenkomsten zijn stopgezet gedurende de pandemie.

Ondanks dat hebben we onze organisatie in 2020 aan de gang kunnen houden.
Onze gemotiveerde vrijwilligers en coördinatoren hebben bij 129 cliënten inzetten verzorgd.
Dat is uitzonderlijk en daardoor zijn we erin geslaagd om de mensen in hun laatste levensfase niet alleen te laten zijn en “Er te zijn”.
Wij zijn daar enorm trots op.

Wij wensen jullie veel leesplezier, het Jaarverslag 2020 is hier te lezen.

Rian Dagelinckx

Hallo allemaal,

Mijn naam is Rian Dagelinckx, gelukkig getrouwd met Michel en moeder van Floor (20) en Twan(17). En we hebben een hond genaamd Rico van bijna 12 jaar.

Mijn verhaal bij de VPTZ begint in februari 2014, wanneer ik een artikel in de Bode lees over de VPTZ om vrijwilligers te werven.

Eind 2011 was mijn vader overleden in het ziekenhuis en kort daarna bleek mijn moeder uitzaaiingen van longkanker te hebben in haar hoofd. Nadat mijn moeder een aantal weken alleen thuis geweest was, gingen er dingen mis met betrekking tot de medicatie.

Omdat we bezorgd waren om haar langere tijd alleen te laten, hadden we in overleg met haar contact gezocht met de hospice in Bergen op Zoom, waar ze kort daarna terecht kon. Na een verblijf van vier weken in de hospice, met de laatste week palliatieve sedatie, is ze begin augustus 2012 rustig ingeslapen. De goede en liefdevolle zorg in de hospice zal me altijd bijblijven.

Maar, ik kan me goed voorstellen dat mensen graag in hun vertrouwde omgeving afscheid willen nemen van hun dierbaren en het leven. Vandaar dat ik mij aangemeld heb bij de VPTZ om te ondersteunen in een intensieve periode van zorg voor cliënt en familie.

Dit werk brengt mij heel veel inzichten in mijzelf en ik leer daar na bijna 7 jaar nog steeds van. Heb een aantal voor mij zware en indrukwekkende inzetten gehad en geleerd dat je niet alles kunt controleren en beheersen. Eigenlijk niet veel, behalve ER ZIJN en de cliënt in zijn waarde laten. En dat valt niet mee als je zelf denkt dat het anders kan. Daarbij heb ik mijn neus wel eens gestoten en daardoor geleerd om beter te observeren en te luisteren, plus NIVEA in te zetten.

Door mijn inzetten ontmoet ik mensen die mij inspireren, door mij kennis te laten maken met nieuwe dingen of leuke adressen om te eten of vakantie te vieren, of door anders te denken.

Het contact met mijn coördinatoren en collega’s ervaar ik als zeer waardevol. De keren dat ik het moeilijk had tijdens of na een inzet werd er naar me geluisterd en ben ik ondersteund. Plus alle extra’s, zoals de bijeenkomsten, lezingen, trainingen en cadeautjes geeft mij het gevoel dat ik gewaardeerd word door de organisatie. Het is een warm bad.

Dit werk vind ik niet altijd even gemakkelijk maar het maakt het leven voor mij waardevoller en ik voel me meer maatschappelijk betrokken. Omdat ik huisvrouw ben is dit mijn lijntje naar de maatschappij. Gevarieerder dan dit werk kun je het niet krijgen. Veel verschillende mensen ontmoeten, en kennis maken met nieuwe plaatsen en situaties. Het maakt me flexibel, zodat ik niet vastroest in mijn patronen.

Naast mijn bezigheden voor het zorgen voor mijn gezin en huishouden, lees ik graag, doe ik aan Pilatus, rommel graag in en rondom huis, ga graag uit eten en geniet van een uitstapje of vakantie. Wat nu wat lastiger is in deze tijd met Corona, maar ik geniet wel meer van wat ik heb. En ben me bewuster van de goede dingen des levens.
Leef bij de dag en blijf gezond!

Ik geef de pen graag door aan Jolanda Langen.

Lieve groet,

Rian Dagelinckx

Hermie Derks

Beste allemaal,

Mijn naam is Hermie Derks en ik ben sinds 4 ½ jaar één van de coördinatoren van VPTZ West-Brabant & Tholen.  Ik ben de ‘vliegende keep’, wat inhoudt dat ik door heel West-Brabant & Tholen cliënten kan hebben en dus niet ‘vastgebonden’ ben aan een regio.

Een van de mooie dingen aan mijn werk is dat ik een verbinding mag zijn tussen de cliënten en de persoon, die hen namens VPTZ bezoekt. Mijn uitdaging is, om de juiste vrijwilliger voor de cliënt, die ik bezocht heb, te vinden. En mooi om te ervaren als dit weer gelukt is. Mocht er toch een keer een mindere ‘klik’ zijn, we daar samen over kunnen praten en ik voor de cliënt een andere oplossing ga zoeken.

Belangrijk vind ik, dat jullie ‘onze ogen en oren’ zijn en aan ons doorgeven wat jullie signaleren, zodat we aanvullend nog meer kunnen betekenen voor de cliënt en zijn omgeving. Dat kan zijn eventueel meerdere malen ‘Er zijn’ of juist ons terug trekken uit een situatie. Om zo dat te kunnen bieden, wat deze specifieke persoon met zijn omgeving op dat moment nodig heeft.

We doen dit tenslotte samen; ieder van ons op zijn eigen unieke wijze met zijn eigen deskundigheid. Met als enige doel: dat mensen in de laatste fase van hun leven rustig afscheid kunnen nemen van hun dierbaren in hun vertrouwde omgeving.

En toen kwam er COVID-19…
Dat werd: op anderhalve meter afstand van elkaar, de mondkapjes wel/niet op, eventueel handschoenen aan en de vraag wel of niet een inzet doen? En voor de coördinatoren in eerste instantie: gaan we wel of niet op huisbezoek en doen we de intake dan per telefoon? Wat indruist tegen onze achterliggende bedoeling van het intakegesprek; met eigen ogen en oren waarnemen wat er mogelijk speelt en daarop kunnen inspelen.

In dit COVID-19 tijdperk komt nog een extra dimensie aan bod: hoe kunnen we de cliënt toch de nabijheid bieden, die ze nodig hebben? Voorheen kan een hand op de arm soms veel betekenen, maar hoe pak je dat nu aan met dezelfde achterliggende bedoeling?
Mijn taak is om ervoor te zorgen, dat jullie als vrijwilliger in een veilige, omgeving waar geen COVID-19 is, voor de cliënt ‘Er kunt zijn’.

En niet alleen in ons werk was het laatste jaar zoeken naar hoe we met elkaar op een veilige manier om kunnen gaan.

Ik ben getrouwd en we hebben 3 volwassen kinderen met hun partners, die samen ons
4 kleinkinderen hebben gegeven. De leeftijd is 4 maanden, 2 ½ jaar, bijna 3 jaar en net 4 jaar. In nauw overleg hebben we gekozen om met het oppassen elke vrijdag toch door te gaan. Het houdt in, dat we verder geen familie en vrienden zien. Veelal gaan contacten nu via de telefoon en/of app. Of tijdens een wandeling. Er valt hiervan alles van te vinden natuurlijk.

Het volgende gedicht geeft volgens mij aardig weer, hoe we deze periode met z’n allen hebben ervaren.

Stil is de straat. Overal
mensen in huizen verdwenen,
even een luide sirene –
stil is de straat overal.

Klassen, kantoren zijn leeg.
Thuis moeten werken of leren,
hoe alles organiseren?
Klassen, kantoren zijn leeg.

Mensen zijn bang overal.
Ieder op afstand gehouden:
ben je niet ziek of verkouden?
Mensen zijn bang overal.

Mensen gebonden aan huis.
Puzzels of brieven of boeken.
Bellen, maar niemand bezoeken.
Mensen gebonden aan huis.

Veel in ons leven valt stil.
Doorgaan en ’s nachts liggen malen:
kan ik nog alles betalen?
Veel in ons leven valt stil.

Stil is de straat. Overal
mensen in huizen verdwenen,
even een luide sirene –
stil is de straat overal.

Van: Jan Jetse Bol/ Gert Landman

Ik geef de pen graag door aan Riet Schalk.

Hartelijke groet,

Hermie Derks

Joke Scheffers

Hallo allemaal,

Nu ben ik gevraagd wat neer te pennen. Een leuk initiatief en een vorm van contact in deze coronatijd. Voor velen een moeilijke periode met veel impact. Persoonlijk vond ik het onthaasten in het begin wel prettig. Even niets hoeven en rustig de tijd hebben voor mijn hobby’s: schilderen, tuinieren, lezen en samen met mijn man wandelen en fietsen. Ook de tijd voor overpeinzingen: wat wil ik nog en wat is nu voor mij/ons belangrijk?

Ik wil terugblikken op 14 jaar vrijwilligerswerk bij VPTZ en hoe ik het heb ervaren. Na mijn loopbaan als verpleegkundige wilde ik me na mijn pensioen nog nuttig maken en iets voor anderen betekenen. Terminale zorg heeft me ook in het ziekenhuis altijd aangesproken, maar helaas ontbrak het daar nogal eens aan tijd. Zo kwam ik in 2007 uit bij VPTZ.

Persoonlijke aandacht geven en er echt zijn voor die ene persoon sprak mij erg aan. Ook dat je mantelzorgers even kan ontlasten van hun zorgtaak. In het begin stond ik nog erg in de doe-modus tot ik besefte dat het vooral ging om de behoeften van de cliënt. Dat is ook vaak stil aanwezig zijn. Al je zintuigen op scherp, gericht zijn op kleine signalen.

Vaak vertelden mensen mij hun levensverhaal of maakten me deelgenoot van hun angsten, verdriet en twijfels. Een cliënt zei me eens: “Je hebt niet veel kunnen doen, maar wat heb je veel gedaan”. Hij had zich kunnen uitspreken en ik had alleen maar aandachtig geluisterd.

Er waren meer situaties die me diep hebben geraakt. Ik mocht een stukje meelopen, zorgen voor wat afleiding, een luisterend oor zijn of troosten. De voldoening die het me gaf en dat ik een beetje het verschil kon maken.

Ik herinner me een man die zijn uitvaartmuziek liet horen en in tranen de afscheidsbrief voorlas die zijn zoon had geschreven. Hij wilde tot het laatst de regie houden.

Of een mevrouw die ontzettend boos was dat haar dochter VPTZ had ingeschakeld. Ik voelde me niet erg welkom. Haar dochter zei: ”Ze draait wel bij”. De week erop ging ik erheen met lood in mijn schoenen, maar mevrouw deed heel vriendelijk de deur open, had thee met cake en verontschuldigde zich over haar gedrag. We kregen een heel leuk contact.  Enige tijd later gaf ik mevrouw een handmassage en daar genoot ze zo van dat ze het elke week vroeg. Ik kon niet meer stuk!

En zo zijn er vele herinneringen die ik bewaar in mijn hoofd en hart.

Ook heb ik veel geleerd van de cursussen en de themadagen die soms ook wel confronterend waren. Hoe zit ik in elkaar? Hoe ga ik om met moeilijke situaties? Wat zijn mijn talenten en waar liggen mijn grenzen etc. Ze gaven me meer inzicht in mezelf.

Ik denk ook aan de fijne contacten met de coördinatoren, waar ik altijd mijn verhaal kwijt kon, en aan de saamhorigheid met de collega-vrijwilligers. De leuke uitjes met de groep.

Ik noemde het een terugblik omdat ik na lang nadenken per 1 juli ga stoppen als vrijwilligster. Ik heb het met zoveel liefde gedaan. Het waren ervaringen die ik nooit had willen missen. Maar er zijn voor mij nu andere prioriteiten. Met mijn man samen nog dingen ondernemen nu we nog vitaal zijn. Dan zijn er ook de kinderen (dochter en zoon), en de drie kleinkinderen om van te genieten.

Ik wens het hele VPTZ team nog heel veel succes met het mooie werk.

Volg je hart en je intuïtie. Het is prachtig als je iets voor de ander kan betekenen. Dat is misschien wel de zin van het leven!

Ik geef de pen graag door aan Hermie Derks.

Hartelijke groet, Joke Scheffers

Ellen Gomis

Beste allemaal,

Mijn naam is Ellen Gomis, ben 63 jaar en woon 37 jaar met Maurits in Hoeven.
Ons gezin bestaat uit 3 zonen, hun partners en 2 kleinkinderen 1 jongen van 5 jaar en 1 meisje van 3 jaar.
We passen 1x per week op de kleinkinderen en genieten daar volop van.  Hoe anders dan destijds met je eigen kinderen.
Wat een rijke ervaring.In 1990 startte ik bij de Vrijwillige Terminale Zorg in Hoeven onder leiding van Marianne van Meer.
Nog erg jong, onervaren en onderzoekend zat ik aan bed en vroeg mezelf ook weleens af “Wat moet ik toch ‘doen’ als er iets gebeurt?”.
Deze en andere vragen zette mij aan om de VTZ in 1991 te ruilen voor een BBL-opleiding ziekenverzorging in het Elisabethhuis in Etten-Leur.
Met mijn diploma op zak vertrok ik gelijk naar aanvullende thuiszorg STAT en ietsjes later naar TWB in Roosendaal.
Dit werk was inspirerend en afwisselend en nodigde uit om alert aanwezig te zijn gezien de verantwoordelijkheid voor de juiste zorg.
Bovenal was ik enthousiast en zeer betrokken wanneer er terminale cliënten in zorg waren en vooral ook hier heel verfijnd en zorgvuldig te zijn in wat er nodig en gewenst was voor cliënt en familie.Aangezien de zorg voor mij veel stress gaf door tijdsdruk en daarbij fysiek belastte, ging ik werken als medewerkster dagverzorging visueel gehandicapten en na 2 jaar stopte ik met het ‘betaalde’ werk en volgde mijn hart voor de terminale zorg VPTZ  in 2008 en bij een hospice in 2009.
Na 5 jaar bij elk en vele ontmoetingen en ervaringen rijker besloot ik helemaal te stoppen. Gewoon om ‘er te zijn’ voor…. mezelf.Totdat, tijdens en na de reünie in 2019, Ellen contact met mij had over (wederom) deelname als vrijwilligster bij de VPTZ.
Het komt op je pad wordt weleens gezegd. Heel fijn en voor mij een vertrouwd gevoel om opnieuw in deze zorg te stappen.
Hoop dat VPTZ nog heel veel bekendheid krijgt bij allerlei zorginstellingen en mond-op-mond reclames vanuit de praktijk… zodat wij nog heel vaak ingezet mogen worden ten dienste van de terminale cliënten en/of mantelzorgers.
Helaas loopt het in deze coronatijd allemaal wat anders dan anders.Realiseer zeker dat het niet meevalt voor heel veel mensen die op allerlei wijze getroffen worden door corona en dat is heel erg naar.
Door enkele maatregelen zijn er gelukkig ook positieve gevolgen zichtbaar.
De vervuilde en uitgeputte Moeder Aarde bekomt er wél degelijk op en wij mensen worden aardig op onszelf teruggeworpen…
Is dat dan zó hard nodig?
Wat is eigenlijk normaal en niet normaal? Wat is belangrijk of toch juist niet?Voor mij geeft deze tijd heel veel rust, inzichten en aanzet tot ‘creativiteit’ o.a. schilderen, kleuren voor volwassenen, puzzelen, nieuwe recepten uitproberen, genieten van eten, gouwe ouwe luisteren bij Spotify en hierop dansen (dit maakt me erg blij) 😊
Genieten alleen, met elkaar en goed gezelschap (zo mogelijk), genieten vooral ook in de PRACHTIGE NATUUR en van wat er nog wél is.De pen geef ik graag door aan Joke Scheffers.Allen liefs gewenst,
Ellen

Toos Verbogt

Hallo beste VPTZ collega’s,

Natuurlijk reageerde ik positief toen me werd gevraagd of ik mee wilde doen met: “Ik geef de pen door aan”, maar vroeg me daarna pas af wat ik toch in hemelsnaam moest gaan schrijven.

We zitten nu al een eind in februari; bijna een jaar nadat ons leven op z’n kop werd gezet. Dus, dacht ik, laat ik eens een terugblik werpen op het afgelopen jaar. Wat heeft dit met mij gedaan?

Tot maart vorig jaar had ik een druk (vond ik) en vol leven, ondanks dat ik al een aantal jaren van mijn pensioen geniet. Hoe zag mijn “normale” leven eruit?

Sporten driemaal per week, koorrepetitie eenmaal per week (en daarbij de archivering voor het koor), bridgen eenmaal per week, vrijwilligerswerk voor de VPTZ, minimaal eenmaal per 2 weken oppassen op onze kleinkinderen (in het oosten van het land), organiseren van maandelijkse uitstapjes voor onze vriendenclub, theaterbezoek, treinuitstapjes met man of vriendin(nen), lunchen met oud-studiegenoten of oud-collega’s. En dit alles in goede gezondheid. Wat een luxe!

Op 28 februari maakte ik met een vriendin nog een treinuitstapje met museumbezoek. Dit zou (voorlopig) het laatste zijn, want vlak daarna ging Nederland in lockdown. Tot aan de zomer vielen alle activiteiten weg en vanaf eind oktober gebeurde dit weer.

Ons gouden bruiloftsfeest viel in duigen, de geplande vakantie in Frankrijk met ons hele gezin moesten we annuleren, we konden maandenlang onze kleinkinderen niet zien en daarnaast miste ik met name de warmte en het plezier van het samen zingen (mijn passie) met mijn medekoorleden (intussen een hechte vriendenclub) en de uitstapjes met onze vaste vriendenclub.

Tot augustus durfde ik een inzet van de VPTZ niet aan en ik heb dan ook bewondering voor mijn collega’s die dit wel aandurfden.

Maar, wat zijn er veel leuke en waardevolle alternatieven en initiatieven voor in de plaats gekomen. Ik “zoom” heel wat af. Mijn 3 sportmomenten, mijn bridge, mijn koorrepetitie: alles kan online. Sinds kort zing ik online op zaterdagochtend met ± 5000 mensen uit binnen- en buitenland onder leiding van een bevlogen Nederlandse zangpedagoog; echt kicken.

Verder gebeurt er natuurlijk veel via WhatsApp, zowel in familie- als in vriendenkring en daarop komen ook vaak de leukste en grappigste filmpjes voorbij. Verder heb ik het (leg)puzzelen herontdekt; hoe moeilijker hoe liever.

En, wat was het afgelopen week genieten van de prachtige sneeuwtaferelen en de vele vogels die onze tuin gelukkig wisten te vinden om te foerageren. Kortom, ik geniet van alle lichtpuntjes. Wel wacht ik met smart op m’n Covid vaccinaties, zodat ik weer aan de slag durf te gaan bij “onze clienten”, want ik mis ze.

De pen geef ik graag door aan Ellen Gomis.

Hartelijke groet,

Toos

Jan Luijten

Hallo allemaal,

Als gepensioneerde hoef ik niet meer te pendelen. Nu deel ik de pen met voorgaande penners: Miek, Nancy, Monique, Corrie en Annemarie. En dat in de penibele tijd van de pandemic (eng.) en sinds Trump-en-Pence weg zijn van het Pentagon en uit Pennsylvania. Voor mij liever pen dan penseel. Begrepen?

Als bestuurslid (geen penningmeester) mag ik sinds 2015 bijdragen aan de ondersteuning van VPTZ West-Brabant &Tholen. Speciaal aandachtsveld daarbij is de kwaliteit. Deze omvat, naast bestuur en organisatie, primair de kwaliteit in de relatie tussen onze vrijwilligers en hun cliënten. Het Kwaliteitskompas gaat ons binnenkort helpen bij het dichter leren aansluiten op de leefwereld en behoeften van cliënten en hun mantelzorgers.

VPTZ Nederland initieert en coördineert veel activiteiten die alle leden aangaan. Sinds maart 2020 gaat dat vooral over corona: wat kan, wat nodig is, en hoe de veilige inzet van vrijwilligers valt te regelen. Actuele landelijke thema’s zijn de subsidieregeling van het ministerie van VWS vanaf 2022 en de herijking van de landelijke organisatie (van ledenraad naar Algemene Leden Vergadering).

Voor mij telt vooral hoe werken bestuurlijke veranderingen door en hoe komen die dan ten goede aan verbetering van onze kerntaak. Dat is de verbinding tussen vrijwilliger en de cliënt, thuis in de laatste levensfase.

In zijn nieuwjaarsgroet schreef voorzitter Bram al dat wij, qua aantal  inzetten de grootste regionale VPTZ-thuisorganisatie in NL zijn. Als cijfertjesliefhebber te illustreren met: ons werkgebied met 10 gemeenten omvat ca. 345.000 inwoners  (2,0% van NL).  Er zijn nu 200 leden bij VPTZ NL (thuisorganisaties, bijna-thuis-huizen en hospices). Is er een optimale organisatie (en schaalgrootte) die erin voorziet dat mensen die thuis willen sterven, dat ook kunnen? En, is de besluitvorming over “thuis mag en kan” ook eerlijk en helder?

De pendule slaat, mijn pennenvrucht is uitgelopen. Nu penpauze en wachten om zonder penitentie, ver weg van de penoze en zonder penalty, uit de penarie te komen. Breken we de pandemie net als een oudbakken demi-pain (fr.)? Met penicilline slopen we die niet. Wanneer komt de penetrante penetratie in mijn bovenarm? Fijn dat de EpiPen dan nabij is om mijn adrenalinespiegel zo nodig op peil te houden.

Vanuit ons pensionrijk penthouse in Etten-Leur, geef ik, zonder na-apen en verder geen grappen, penny-wise, de pen graag door aan Toos Verbogt.

Hartelijke groet,

Jan Luijten

Annemarie v.d. Kraats

Hallo allemaal,

Ik zal me eerst even voorstellen.
Ik ben Annemarie en ben in november 60 jaar geworden. Helaas geen groot feest, maar wat in het vat zit verzuurt niet hoop ik dan maar…

Sinds 2014 woon ik samen met een lieve boer in de polder bij de Heen. We hebben een fijn huis met een grote tuin, 4 kippen, 2 honden en een kat (geërfd van een dame waar we een VPTZ inzet hebben gedaan).

Nu 12 jaar geleden maakte ik met mijn gezin een hele heftige periode door. We hadden twee jongens thuiswonend. Mijn man was in oktober ziek geworden en bleek alvleesklierkanker te hebben. Ondanks zijn vechtlust had hij na de diagnose nog maar 4 maanden te leven.

Eind januari werd hij geopereerd in een uiterste poging tot het uitstellen van het ondenkbare. Ik zie hem nog lopen met zijn rolkoffertje richting het ziekenhuis. Zijn woorden: “Ik ga vechten om zo lang mogelijk bij jullie te blijven” zijn ingeprent in mijn hart. De operatie bracht geen soelaas en versnelde het proces. Half februari haalden we hem naar huis met de ziekenwagen, want de kracht om te lopen was weg.

In de dagen na de operatie had ik gebeld met huisarts en wijkzorg en alle andere instanties die maar iets zouden kunnen betekenen. Er stond een bed in de kamer en een rolstoel, een kamerscherm, postoel, bedtafel en rollator (omdat mijn man verwachtte dat hij die nog gebruiken zou). Ook was er zuurstof en een berg medicijnen.

Mijn man begreep heel goed dat ik nachtzorg voor hem wilde, omdat ik deze tijd zo fit mogelijk wilde doorkomen ook voor onze kinderen. Daar kwam professionele hulp voor.

Iemand had me gewezen op informele zorg. Vrijwilligers die ons konden bijstaan. Er kwam een dame om onze wensen te inventariseren en mijn man gaf aan dat als het mij hielp, hij het prima vond dat er iemand kwam.

De volgende middag kwam Ella, een rustige dame die kort met mijn man sprak en daarna naast zijn bed zat met een puzzelboekje. Zo kon ik even naar een winkel of boven de was doen zonder dat mijn jongens de verantwoordelijkheid moesten dragen.

Ella kwam twee keer per week. De tweede keer dat ze kwam was mijn man in slaap en kon ze geen gesprekje meer voeren. De derde keer was de dag voor de 17e verjaardag van mijn jongste zoon. Mijn man was inmiddels 10 dagen thuis en sinds drie dagen in slaap door palliatieve sedatie.

Ik zat met Ella beneden en wist niet goed wat ik nu moest doen. Onze gewoonte was dat ik taart zou bakken voor de verjaardag de volgende dag. Maar kon dat wel? Ella vroeg of ik de spullen in huis had en of het misschien een goed idee was als we samen zouden bakken. En daarmee hielp ze mij over de drempel.

Mijn man sliep achter in de kamer. Mijn jongens zaten in de voorkamer naar ‘de Lama’s’ te kijken en af en toe te lachen. En Ella en ik bakten een taart. Die avond zat Ella op mijn kaartje samen met mijn zus bij een voorstelling van Stef Bos.
En mijn man blies om 23.15 uur zijn laatste adem uit.

Toen het twaalf uur was feliciteerde we mijn jongste en aten we taart. De gedachte dat die laatste middag mijn man misschien gehoord heeft hoe zijn kinderen lachten en geroken heeft dat er gebakken werd om het leven te vieren, geeft troost.  Mijn vader had een paar jaar daarvoor dit in zijn laatste dagen gezegd… “het is goed om te zien dat het leven doorgaat.”

Ik ben daar Ella dankbaar voor.

En het heeft  mijn wens doen ontstaan om dit voor anderen te kunnen doen.

En zo ben ik bij de VPTZ beland.

Ik geef de pen graag door aan Jan Luijten.

Hartelijke groet,

Annemarie v.d. Kraats4

Corrie Passenier

Hallo iedereen,

Ik zat naar het nieuws te kijken en zag alle ellende van Eindhoven op TV. Intussen komt er een whattsapp binnen van Monique: wil jij de pen overnemen? Ja hoor, dan heb ik het maar gehad!
Wel zit ik nog midden in mijn boosheid.

Wat nou rellen!

Wat nou de boel slopen!

Wat nou de boel leeghalen enz. enz.

Wij zitten toch ook midden in de corona en willen toch graag dat het stopt?
Dat we weer zonder problemen elkaar kunnen zien en vasthouden! Waarom al dat negativisme?

Kijk niet verder dan alleen al onze VPTZ, wanneer hebben wij elkaar voor het laatst gezien of bijgepraat?
Hoeveel cliënten zouden graag hulp van ons hebben gehad?
Cliënten die getroost hadden willen worden of alleen maar een hand vastgehouden zouden willen hebben?

Dan realiseer ik me, dat ik niet in een negatieve flow wil denken en probeer het toch nog een beetje positief te benaderen.

Wat heeft corona mij opgebracht?

Wandelen, fietsen, elkaar weer ontdekken, van kleine dingen genieten, maar mijn grootste voorbeeld is wel:

Mijn wasmachine ging kapot en natuurlijk met een volle wasmand!
Mijn zoon gelijk: ”Nou, dan koop je toch een nieuwe”.

Watte???

Coronatijd, alles gesloten?

Zoon weer: ” … online”.

Eerst maar eens op de telefoon gekeken, maar ik dacht dat ik gek werd.

Later op de laptop een merk uitgezocht, reviews gelezen en een nieuwe machine besteld op vrijdagavond.

Zaterdag om 13.30 uur kwamen ze hem brengen en aansluiten. Om 16.00 uur draaide de wasmachine.

Zonder corona had ik een monteur moeten bellen en waren we waarschijnlijk 14 dagen verder geweest.

Als ooit iemand mij verteld had, van jij gaat nog eens een wasmachine kopen, digitaal, dan had ik naar mijn voorhoofd gewezen en gezegd ga jij eens naar de dokter!

Ook dit is corona!

Dit positieve geluid wilde ik even laten horen.

Blijf allemaal gezond en graag geef ik de pen door aan … Annemarie v.d. Kraats.

Corrie Passenier